’t Heilig Bruurke: het levende gebed

Ben je al eens bij ’t Heilig Bruurke geweest? Nog elke week krijgt broeder Everardus bezoek van tientallen mensen die briefjes neerleggen met de vraag of hij voor ze wil bidden.

Broeder Everardus – die eigenlijk Jan Witte heet – werd op 25 juli 1868 geboren in Hoorn. Dertig jaar later, in 1899, kwam hij in Megen bij de Franciscanen terecht. Hij werkte als portier en huisschilder en kwam met veel mensen in contact. Mensen kenden hem vanwege zijn intensieve gebedsleven, zijn aandacht voor de armen, maar vooral zijn talent voor het luisteren, bemoedigen en troosten.

Jan Witte wilde eigenlijk priester worden en vertrok in 1881 naar het seminarie. Hij bleek daar echter niet intellectueel genoeg voor en dus liet zijn vader hem werken als bakkersknecht. Jan kwam in 1886 terecht bij kunstschilder Alexander Kläsener en werd zijn leerling. Ondanks zijn tekentalent, bleek het geestelijk leven naar hem roepen. En als het niet als priester kon, dan werd hij maar broeder.

Inwijding

En zo geschiedde. Op 8 november 1891 trad hij in bij de Fransiscanen van het Alverna klooster bij Wijchen onder de naam Everardus. In 1899 plaatsten ze hem over naar Megen, waar hij 30 jaar bleef. Hij maakte schilderijen voor de kloosterkerk en voor de kerk van de Megense Clarissen. Hij had even wat uitstapjes naar Heerlen en Woerden, maar kwam weer terug naar Megen. Waar hij tot zijn dood op 22 december 1950 bleef.

Onder grote belangstelling werd hij op tweede kerstdag op het kloosterkerkhof begraven. Op zijn bidprentje stond: “Voor zijn medebroeders en voor de mensen die hem kenden, was hij een levend gebed geworden”. Enige tijd daarna werd in Megen de eerste gebedsverhoring gemeld, door een jonge advocaat uit Amsterdam. Hij vertelde dat hij dankte aan de voorspraak van het ‘heilig bruurke’, zoals Everardus tijdens zijn leven al buiten het klooster werd genoemd.

De populariteit van Everardus groeide daarna hard, vooral door een radio-uitzending en een artikel in de Katholieke Illustratie van 1953. Hij kreeg een kapel met ingang naar de straatkant, zodat zijn vereerders vrij toegang hadden. Vandaag de dag wordt die kapel nog steeds dagelijks bezocht door pelgrims en kleine groepjes uit Nederland en België. Er wordt vooral gevraagd naar hulp bij het zoeken naar een woning.

Briefjes

Mensen schrijven hun gebeden op briefjes, die tussen de mouwen, vingers en oren van het beeld worden gestopt. Elke donderdag worden de briefjes gebruikt als voorbeden bij de eucharistiedienst in de kloosterkerk. Op de briefjes wordt vaak gevraagd of Everardus een oogje in het zeil houdt.